Standplaatsagenda Standplaatsen, marktdagen en vergunningen

Veelgestelde vragen

Welke vragen over standplaatsen en vergunningen komen bij mobiele verkopers steeds weer terug?

Door Gepubliceerd op Bijgewerkt op 7 minuten lezen

Werk in een Nederlandse horecakeuken. Beeld bij het artikel: Welke vragen over standplaatsen en vergunningen komen bij mobiele verkopers steeds weer terug?
Beeld gegenereerd met kunstmatige intelligentie

Wie op straat verkoopt, stelt in de kern steeds dezelfde vragen: wat mag ik waar, hoe lang mag ik het, en wie moet ik daarvoor bellen. Hieronder staan de vragen die bij mobiele verkopers het vaakst terugkomen, gegroepeerd en zonder omhaal beantwoord. Waar het antwoord per gemeente verschilt, staat dat er nadrukkelijk bij.

Over de vergunning zelf

Heb ik altijd een vergunning nodig om te verkopen?

Voor verkoop vanaf de openbare weg vrijwel altijd wel. Standplaatsen op de openbare weg zijn gemeentelijk geregeld via de plaatselijke verordening en de marktverordening, en die bepalen ook of er op een bepaalde locatie überhaupt een plek beschikbaar is. Sta je op particulier terrein, bijvoorbeeld op het parkeerterrein van een bedrijf, dan gelden andere regels en speelt de eigenaar van het terrein een rol.

Wat is het verschil tussen een standplaats en een marktplaats?

Een standplaats is een plek buiten de markt om, bijvoorbeeld op een plein of langs een winkelstraat. Een marktplaats hoort bij een ingestelde warenmarkt en wordt via de marktverordening toegewezen, meestal met een eigen systeem van vaste plaatsen en dagplaatsen. De aanvraagroute is dus verschillend, ook al staat je wagen op dezelfde vierkante meters.

Wat wil de gemeente van mij zien bij een aanvraag?

Bijna altijd je inschrijving in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel. Die inschrijving is verplicht voor ondernemingen, je KVK-nummer bestaat uit acht cijfers en bij de inschrijving hoort een SBI-code die je activiteit beschrijft. Verder gaat het meestal om een omschrijving van je wagen met afmetingen, je verzekering en de manier waarop je stroom en gas regelt. De volledige route staat in de gids voor het aanvragen van een standplaatsvergunning.

Kan ik mijn vergunning overdragen als ik stop?

Dat hangt van de gemeente af en het antwoord is vaak nee, of alleen onder voorwaarden. Een standplaatsvergunning wordt doorgaans op naam verleend. Verkoop je je onderneming, ga er dan niet van uit dat de plek meeverhuist, maar vraag het vooraf na en leg het antwoord schriftelijk vast.

Over termijnen en verlengen

Hoe lang is een standplaatsvergunning geldig?

Dat verschilt sterk. Sommige gemeenten verlenen voor een jaar, andere voor meerdere jaren of voor een seizoen, en soms werkt men met een vergunning voor onbepaalde tijd die jaarlijks wordt bevestigd. De enige betrouwbare bron is je eigen besluit: daarin staat je einddatum.

Wanneer moet ik beginnen met verlengen?

Eerder dan je denkt. Tussen je aanvraag en het besluit zit behandeltijd, en in vakantieperiodes loopt die op. Reken achteruit vanaf je einddatum en zet je eerste seintje ruim daarvoor, niet in de week zelf. Het volledige tijdpad staat in het stappenplan om je vergunning op tijd te verlengen.

Wat gebeurt er als mijn vergunning verlopen is?

Dan sta je zonder recht op die plek, ook al sta je er al jaren. In het gunstigste geval krijg je een waarschuwing en repareer je het met een nieuwe aanvraag. In het ongunstigste geval is de plek inmiddels opnieuw uitgegeven en ben je hem kwijt. Dat risico is de belangrijkste reden om termijnen niet in je hoofd te bewaren.

Moet ik het melden als er iets verandert?

Ja. Een andere wagen, andere afmetingen, een ander assortiment, een nieuw adres of een gewijzigde rechtsvorm zijn allemaal redenen om de gemeente te informeren. Vergunningen zijn vaak verleend voor een specifieke situatie, en die situatie moet blijven kloppen.

Over werken in meerdere gemeenten

Kan ik met een vergunning in meerdere gemeenten staan?

Nee. Elke gemeente beslist over haar eigen grondgebied, dus je hebt per gemeente een eigen toestemming nodig. Ook de voorwaarden verschillen: opbouwtijden, toegestane afmetingen, eisen aan je uitstalling en de manier waarop je moet aanvragen. Het artikel over de verschillen tussen gemeentelijke standplaatsregels gaat daar dieper op in.

Hoe kom ik erachter wat een gemeente precies wil?

Begin bij de gepubliceerde verordening en het standplaatsenbeleid van die gemeente. Kom je er niet uit, dan kun je stukken opvragen; de Wet open overheid is sinds 1 mei 2022 van kracht en regelt de openbaarheid van overheidsinformatie. In de praktijk levert een telefoontje met de marktmeester of de behandelend ambtenaar sneller resultaat, maar leg het antwoord dan wel per e-mail vast.

Waarom is een plek in de ene gemeente vrij en in de andere jaren bezet?

Omdat gemeenten zelf bepalen hoeveel plekken er zijn en hoe ze die verdelen. Sommige werken met wachtlijsten, andere met loting of met periodieke uitgifte. Dat is beleid, geen willekeur, en het betekent dat geduld in de ene gemeente werkt en in de andere niet.

Over papieren, controle en bewaren

Welke stukken moet ik bij me hebben op de kraam?

Als vuistregel: je vergunning met de voorwaarden, je inschrijving bij de Kamer van Koophandel, je verzekeringsbewijs, de keuringen van je installaties en je informatie over allergenen. Loop die stukken de avond voor een verkoopdag niet alleen na op aanwezigheid maar ook op datum, want een vergunning die volgende maand afloopt is vandaag nog geldig en vraagt toch om actie.

Hoe lang moet ik mijn administratie bewaren?

Zeven jaar voor je administratie, en tien jaar voor gegevens over onroerende zaken. Dat geldt ook voor je dagstaten, je inkoopbonnen en je correspondentie met de gemeente over je plek. Digitaal bewaren mag, mits het terug te vinden en leesbaar blijft.

Moet ik iets met de AVG?

Zodra je gegevens van personen vastlegt wel, bijvoorbeeld van zakelijke klanten of van iemand die bij je meewerkt. Betrokkenen hebben rechten zoals inzage, rectificatie en wissing, en een verzoek daarover moet je binnen een maand beantwoorden, met een verlenging van maximaal twee maanden als het ingewikkeld is. Voor de meeste kraamhouders blijft het klein, maar het is geen onderwerp om helemaal over te slaan.

Over geld, btw en betalen

Welk btw-tarief geldt voor mij?

Het algemene tarief is 21 procent en het verlaagde tarief 9 procent; bij onder meer intracommunautaire leveringen en export geldt 0 procent. Welk tarief op jouw producten van toepassing is, hangt af van wat je verkoopt en soms van de manier waarop je het verkoopt. Kom je er niet uit, leg het dan een keer goed vast in plaats van het per kwartaal opnieuw te schatten.

Is de kleineondernemersregeling iets voor mij?

Dat kan, als je omzet onder de grens van 20.000 euro per kalenderjaar blijft. Je brengt dan geen btw in rekening, maar je trekt ook geen voorbelasting af, wat ongunstig uitpakt als je net een wagen hebt aangeschaft. Sinds 2025 bestaat daarnaast de EU-KOR voor ondernemers die de vrijstelling in andere lidstaten willen gebruiken.

Een klant betaalt zijn factuur niet, wat mag ik doen?

Bij een consument moet je eerst een kosteloze aanmaning sturen met een betaaltermijn van veertien dagen voordat je incassokosten in rekening mag brengen. Die kosten volgen daarna de wettelijke staffel, met een minimum van 40 euro. Voor de betaling zelf geldt dat banken in de eurozone sinds 9 januari 2025 instant betalingen moeten kunnen ontvangen en sinds 9 oktober 2025 ook moeten kunnen versturen, dus een openstaand bedrag kan tegenwoordig binnen seconden binnen zijn.

Over hulp en personeel

Mag ik iemand op zaterdag laten meewerken als zzp-er?

Dat kan niet zomaar. De Belastingdienst handhaaft sinds 1 januari 2025 weer volledig op schijnzelfstandigheid, en een arbeidsrelatie wordt getoetst aan arbeid, loon en gezag. Werkt iemand structureel in jouw wagen volgens jouw instructies, dan lijkt dat al snel op een dienstbetrekking. Modelovereenkomsten van de Belastingdienst geven vooraf zekerheid over de loonheffingen.

Waar moet ik op letten als ik iemand in dienst neem?

Op het wettelijk minimumuurloon dat sinds 1 januari 2024 geldt, en op je verplichtingen als werkgever. Daaronder valt ook een risico-inventarisatie en -evaluatie met plan van aanpak; werkgevers met ten hoogste 25 werknemers mogen daarvoor een erkend branche-instrument gebruiken en hoeven de inventarisatie dan niet te laten toetsen. Toezicht daarop ligt bij de Nederlandse Arbeidsinspectie.

Over het bijhouden zelf

Hoe houd ik dit allemaal bij zonder dat het een tweede baan wordt?

Door de termijnen los te koppelen van je geheugen. Alles wat hierboven staat, komt neer op een handvol datums en een handvol documenten per gemeente. Zet die op een plek die vooruitkijkt, en de rest volgt vanzelf.

Dat is precies wat de vergunningagenda van Standplaatsagenda doet: per plek de dag en de voorwaarden, per gemeente de contactpersoon en de papieren, en per vergunning een einddatum met seintjes ruim van tevoren. De aanvraag doe je nog steeds zelf, want alleen jij kunt tekenen voor je onderneming. Wie de agenda bouwt, lees je op de pagina over Jimenez Julien.

Conclusie: de meeste vragen hebben een datum als antwoord

Als je de vragen hierboven naast elkaar legt, valt op hoe vaak het antwoord neerkomt op een termijn: tot wanneer je vergunning loopt, wanneer je moet verlengen, hoe lang je iets moet bewaren en binnen hoeveel dagen je moet reageren. De regels zelf zijn goed te doen; het onthouden is het probleem.

Standplaatsagenda neemt dat onthouden over en houdt je plekken, papieren en termijnen bij elkaar. Zit je met een vraag die hierboven niet staat, of wil je zien hoe jouw gemeenten in de agenda passen, stel hem dan via het contactformulier, dan krijg je binnen twee werkdagen antwoord.

Verder lezen